|
|
VCIV,
Vlaams Centrum voor Inheemse Volken |
|
Inheemse volken in Latijns Amerika
Bolivië : Strijd om de Amazone rijkdommen Een grote meerderheid van de 8 miljoen inwoners van Bolivia kan men tot de inheemse bevolking rekenen. Meestal heeft men het over de Quechua, Aymara of Guaraní, de groepen die numeriek het grootst zijn. Minder bekend is de situatie van de meer dan 30 andere ethnische groepen. Zij wonen grotendeels in het Amazonegebied, vaak ver afgelegen van de stedelijke centra. Maar toch worden ze in hun bestaan bedreigd door de komst van kolonisten en houtkapbedrijven. Wie woont er in de Amazone? Tot de Amazoneregio behoren de departmenten van Beni, Pando en het noorden van La Paz en Cochabamba. In dat gebied - dat zeer veel natuurlijke rijkdommen heeft (mineralen, petroleum, hout,...) - wonen ongeveer 700.000 mensen. Slechts 81.000 van hen behoren tot de kleine tot zeer kleine inheemse groepen die hun oorsprong in de regio vinden. Althans, dat is het aantal dat in de recentste bevolkingstelling van 1992 is weerhouden. De gemeenschappen met minder dan 2000 leden werden hierbij over het hoofd gezien.
Lees meer
:
http://home.scarlet.be/kwia/tijdschrift/dos48.pdf
Inheemse volken in Brazilië
Inleiding
Lees meer
:
http://home.scarlet.be/kwia/tijdschrift/dos59.pdf
De Guarani maken deel uit van het Tupi volk in Zuid-Amerika. Er zijn veel verschillende groepen, zelfs binnen de afzonderlijke landen .Toen de Europeanen in Zuid-Amerika arriveerden, zo'n 500 jaar geleden, was het één van de eerste volken waarmee ze in contact kwamen. Op dit moment leven er ongeveer 40.000 Guarani in Paraguay en het Guarani is een officiële taal, naast het Spaans. In Brazilië leven ongeveer 30.000 Guarani en hiermee zijn ze de grootste stam in dat land. Ook in het naburige Bolivia en Argentinië leven Guarani. De Guarani zijn een zeer spiritueel volk. Hoewel de stam verschillende subculturen kent, hebben ze allemaal dezelfde religie. In deze religie is land het allerbelangrijkste: land is de bron van al het leven en het is een gift van de "Grote Vader", Namde Ru. In ieder dorp staat een gebedshuis en in ieder dorp is er een religieuze leider, de "cacique", wiens autoriteit meer op prestige is gebaseerd dan op formele macht. De Guarani geloven dat de ziel na het overlijden rust vindt in het "Land zonder kwaad" . Door de eeuwen heen hebben talrijke Guarani grote reizen ondernomen in een poging bij leven het "Land zonder kwaad" te vinden . In Brazilië hebben de Guarani ernstig te lijden onder diefstal van vrijwel al hun land. Zij ervaren deze diefstal als een belediging van hun geloof, maar het is ook de vernietiging van hun bestaansmiddelen en manier van leven. Duizenden Guarani leven tegenwoordig dicht op elkaar op kleine stukken land en worden hoe langer hoe meer ingesloten door boerenbedrijven en plantages. Vroeger hielden zij zich in leven door te jagen, te vissen en landbouw te bedrijven, maar de stukken land waarop zij nu leven zijn niet groot genoeg om op die manier in hun levensonderhoud te voorzien. In plaats daarvan worden ze uitgebuit als goedkope arbeidskrachten door de boeren en de plantage-eigenaren. Vooral de Guarani-Kaiowá in Brazilië zijn hiervan de dupe en het heeft geleid tot ernstige depressiviteit. Tussen 1986 en het begin van 2000 hebben 320 Guarani-Kaiowá zelfmoord gepleegd, waarbij de jongste persoon slechts negen jaar oud was.
Brazilië erkent de Indiaanse
rechten op het bezit van land niet, ondanks het feit dat deze wel worden erkend
in internationale rechtspraak en ondanks het feit dat in de Braziliaanse
grondwet staat dat Indiaans grondgebied in kaart gebracht, afgebakend en
beschermd moet worden. Survival doet een dringend beroep op de Braziliaanse
regering om de hoogste prioriteit te geven aan het demarqueren van het
grondgebied van de Guarani.
Het volk van de
Mapuches is oorspronkelijk afkomstig uit Argentinië. In de 12de eeuw trokken de
Mapuches uit Argentinië over de Andes naar het zuiden van Chili, waar ze zich
vestigden. Van alle inheemse volkeren van Latijns Amerika, hebben de Mapuches
zich het langst verzet tegen de Spaanse verovering. Het Mapuche-volk was één van
de volken die het meest politiek onafhankelijk was, met een gebalanceerde
zelfvoorzienende economie, die het volk autonomie gaf, terwijl tegelijkertijd de
uitwisseling met andere volkeren behouden werd. Terwijl beschavingen zoals die
van de Azteken en de Inca binnen korte tijd vielen onder de Spaanse
overheersing, wanneer hun leiders en dominante klassen onderworpen waren,
streden de Mapuches meer dan drie eeuwen tegen de indringers, eerst tegen de
Spaanse, en daarna de tegen de Chileense.
De inheemse beweging in Ecuador Nadat ze met de opstand van 1990 massaal hun intrede deden in de politiek, veranderde de inheemse beweging in Ecuador haar strategie. Ze weigeren niet meer om te participeren in de democratische instellingen. Integendeel, de inheemsen worden vandaag vertegenwoordigd in het parlement. Ze blijven evenwel verder strijden voor land en sociale verbeteringen. Hun relatie met andere sociale actoren is ook verbeterd. In 1996 slaagde de inheemse beweging erin in de grondwet te laten opnemen dat Ecuador een pluri-etnisch en multicultureel land is. Sinds dat jaar treedt de inheemse beweging nu politiek gezien op de voorgrond in het nationale leven. Met hun kleurrijke wipalavlaggen nemen ze stilaan de plaats in van de vakbondsbeweging die in verval was geraakt. De inheemsen van Ecuador vormen één van de actiefste bewegingen in heel Latijns-Amerika. Een bondige schets. Lees meer :
http://home.scarlet.be/kwia/tijdschrift/dos50.pdf Het gebied dat nu Chiapas heet, werd door de Spanjaard Pedro de Alvarado veroverd omstreeks 1524. Hij werd in 1523 door Cortés vanuit Nieuw Spanje (Mexico) op expeditie gestuurd om het zuiden van het Maya-gebied te onderwerpen. De expeditie zou drie jaar duren tot 1526. Het eigenlijke doel van de Alvarado was de beter gestructureerde rijken van de K’iché en de Caqchikel te onderwerpen. Deze bevonden zich in het hoogland van wat later Guatemala zou worden. Nadat hij de K’iché met behulp van Caqchikel hulptroepen verslagen had en hun hoofdstad Utatlan had ingenomen, keerde de Alvarado zich tegen de Tzotzil en hun hoofdplaats Chamula. Kort na deze veroveringen stichtten de Spanjaarden in het vers ingepalmde gebied twee nieuwe steden : Santiago de los Caballeros de Guatemala, in de buurt van Iximché, dat nadien Guatemala Ciudad zou worden, en nog later zijn huidige naam Antigua zou krijgen, en dan in de buurt van Chamula, de oude hoofdstad van de Caqchikel, Ciudad Real, wat later San Cristobal de las Casas zou worden genoemd. De Alvarado werd de eerste gouverneur van Guatemala, en “capitan general” genoemd. Guatemala werd daarom een capitaneria general die oorspronkelijk ressorteerde onder het koninkrijk Nieuw Spanje. Het liep van Yucatan in het noorden en Chiapas in het westen tot het latere Costa Rica in het oosten. Van bij het begin was de politieke organisatie van Spanje ten opzichte van de Nieuwe Wereld gericht op koloniale economische relaties. Reeds in 1503 werd de Casa de Contratacion opgericht met zetel in Sevilla. Dit was het centrale orgaan dat instond, en ook toestemming moest geven voor alle handelsrelaties met de Nieuwe Wereld, en verantwoordelijk was voor alles wat met scheepvaart en havenbeleid had te maken, ook voor de overzeese post en alle handelsgeschillen die uit de handel met de nieuwe wereld voortvloeiden. Sevilla had het monopolie op de handel met de Nieuwe Wereld, wat wil zeggen dat alle schepen die naar de Nieuwe Wereld gingen of er vandaan kwamen via Sevilla moesten passeren. Analoog met het Casa de Contratacion werd in 1524 de Real y Supremo Consejo de las Indias opgericht. Die adviseerde de Kroon op wetgevend vlak, stond in voor alle overzeese administratie en correspondentie en fungeerde als hoogste gerechtelijke instantie voor burgerlijke en strafrechterlijke geschillen in de overzeese gebieden. De Consejo de las Indias vaardigde decreten uit, “cedulas” genaamd, in verband met het bestuur van de overzeese gebieden. Deze Raad zou tot 1834 blijven bestaan. Samen met de Spaanse verovering kwamen niet alleen de Spaanse politieke koloniale instellingen overgewaaid, maar ook de economische: het repartimiento, de encomienda en het mandamiento. Lees meer : http://home.scarlet.be/kwia/tijdschrift/dos57.pdf
|