VCIV, Vlaams Centrum voor Inheemse Volken
Flemish Centre for Indigenous Peoples
 

Home

Inheemse Volken

Arctische gebieden
Afrika
Australië
Azië
Latijns Amerika
Noord-Amerika

Biodiversiteit
Bossen
Duurzaam Toerisme
Globalisering
Intelle.eigendomsrechten
Klimaat
Mijnbouw
Water
Zelfbeschikking
Europese Unie
Links


Actienieuwsbrief

Meer informatie vind u
op het :
Nederlandse Weblog

Engelstalige Weblog

Arctic Peoples Alert

Arctica

 



Contact
 :
vciv@skynet.be

 

 

 

 

 

Mijnbouw

 

Het verborgen gezicht van uranium

     De uraniumisotopen geven net als andere radioactieve stoffen een ioniserende straling af die sterk genoeg is om levende cellen te beschadigen of te vernielen. De schadelijke effecten van radioactieve straling ? kanker, vruchtbaarheidsproblemen en genetische afwijkingen ? zijn het onderwerp van belangrijke debatten geweest. Inmiddels zijn de meeste wetenschappers het erover eens dat elke blootstelling aan radioactieve straling schadelijk is voor de gezondheid.
Het radon-222 gas, dat in grote hoeveelheden vrijkomt bij de mijnactiviteiten, kan longkanker, bloedziekten, nieraandoeningen en vruchtbaarheidsproblemen veroorzaken.
Radium-226 is een ander bijproduct van uranium dat afgebroken wordt. Het is een radioactief zwaar metaal. Blootstelling kan onder andere leiden tot verschillende vormen van kanker.
Van alle bijproducten van de uraniumafbraak heeft thorium-230 de langste halveringstermijn: 76.000 jaar. Thorium-230 is bijzonder giftig voor de lever en de nieren.
Het uraniumerts dat uit de grond gewonnen wordt en verbrijzeld wordt, is zelfs nog schadelijker dan uranium in zijn natuurlijke staat, omdat het de mens en de fauna en flora blootstelt aan de radioactiviteit van het uranium zelf en aan de radioactieve gassen en vaste stoffen die in het milieu terechtkomen.
De mijnwerkers die het uranium naar de oppervlakte halen, lopen het grootste risico. De afgeleide radonproducten zijn aanwezig in het microscopische stof dat ze inademen.
De afzettingen met een hoog uraniumgehalte vormen nog een groter risico voor de mijnwerkers omdat ze hoog radioactief zijn.

De rechten van de autochtone bevolking

De uraniumexploitatie veroorzaakt net als alle mijnactiviteiten ook problemen voor de rechten van de lokale bevolking. Maar het probleem van uraniummijnen is nog prangender omdat het de lokale bevolkingsgroepen, die al erg kwetsbaar zijn, in gevaar brengt. Dat is het geval voor de Inuit in Canada, de Navajo-indianen in de Verenigde Staten, de Aboriginals in Australië en de Toearegs in Niger.
De inplanting van grote industriële sites brengt diepgaande veranderingen en een hoop nefaste gevolgen voor de plaatselijke bevolking met zich mee: een toename van ziekten en sociale destabilisatie, om nog maar te zwijgen van de blootstelling aan vervuiling.


     België belangrijke uraniumverbruiker

België heeft verschillende uraniumleveranciers. «We halen de meeste uranium uit politiek stabiele regio's (Canada, Australië, de Verenigde Staten en Afrika)», legt Luc Frankignoulle van Synatom uit. Synatom bevoorraadt de Belgische kerncentrales met uranium. «Per jaar verwerken de centrales ongeveer 100 ton per jaar.» Het erts wordt niet rechtstreeks naar België vervoerd. Het maakt een tussenstop in verrijkingsfabrieken, onder andere in het Franse Tricastin in de Rhônevallei. «De transformatie en verrijking is goed voor 2/3 van de prijs.» Synatom werkt met middellange en lange termijncontracten met de leveranciers. «Een echte uraniumbeurs bestaat er niet», zegt Frankignoulle. «De prijs fluctueert wel met vraag en aanbod. Op dit moment zit de prijs in de lift. Maar invloed op de prijs van elektriciteit heeft dit niet. Uranium heeft in de totale kost van energie slechts een aandeel van 5%.»



Ontginning oliezandgronden

    Wat verstaan we precies onder teerzand, of in het Engels oilsands?

Tientallen tot honderden miljoenen jaren geleden is olie gevormd op de zeebodems. Na verloop van tijd ontsnapte een groot gedeelte van de olie naar hoger gelegen zandlagen, waar het blootstond aan bacteriële en weersinvloeden. De olie veranderde wat van samenstelling en mengde zich met zand. Oliezanden of teerzanden bestaat dan ook letterlijk uit olie vermengd met zand. De grondstof die in vaktermen bitumen heet, lijkt een beetje op teer. Uit 4.000 kilo van het teerzand kan na raffinage een vat olie van 159 liter gehaald worden.

     Hoeveel vaten kunnen dat er in de toekomst worden gewonnen?

In totaal verwacht men dat 315 miljard vaten aan teerzand uiteindelijk gewonnen kunnen worden.
Het meest optimistische scenario qua productie van de olie-industrie zelf is de unconstrained case van de CAPP welke een productie van 4 miljoen vaten per dag in 2020 voorziet. Dat is minder dan 4% van de totale verwachte vraag van ongeveer 120 miljoen vaten in dat jaar. Volgens onderzoek uitgevoerd aan de Zweedse Uppsala Universiteit getiteld “Canada’s oil sands resources and its future impact on global oil supply“ kan de productie maximaal stijgen naar 6 miljoen vaten per dag tegen 2035.

De exploitatie van oliezand heeft een onmiddellijke weerslag op het ecosysteem, zowel dat van de Canadese provincie Alberta als dat van de ganse planeet. In Alberta verwoesten de gigantische machines al het woud, de veengebieden, de rivieren, kortom het gehele natuurlijke landschap gaat eraan. De aanwezige dieren gaan dood of vluchten weg als ze geluk hebben.

De mijnindustrie beweert dat ze na uitputting van de zandlaag de oorspronkelijke toestand zullen herstellen en dat ze daarom het afgegraven materiaal opslaan. Wie gelooft dit? Hoe kan je een berg aarde en rotsen met een dikte van gemiddeld 60 meter en zo groot als tweemaal de Benelux ergens opslaan, samen met uitgerukte bomen, struiken, turflagen, mossen, kreupelhout en zo meer? En waar blijf je met miljoenen spinnen, wormen, kevers, vlinders en alle mogelijke kleine fauna? En zwemdokken vol vis? En de vogels? En de zoogdieren?

 Een andere bewering van de industrie is, dat het ecosysteem zichzelf herstelt zodra de activiteiten stoppen. De realiteit is anders. De eerste oliezandmijn in Alberta is meer dan 30 jaar oud en er is geen teken van leven meer, zelfs niet op de plekken die al tientallen jaren ongemoeid zijn gelaten.

 Daarbij komt nog, dat voor elk vat ruwe olie dat uit zand gewonnen is, er ca 80 kilo broeikasgassen in de atmosfeer terechtkomen en dat meer dan 600 liter afvalwater gedumpt wordt. Dat water is sterk bevuild met olie en andere schadelijke stoffen. Door deze factoren, gassen en afvalwater, heeft de activiteit in Canada een negatieve impact op het planetaire ecosysteem.

 Nochtans heeft Canada het Kyoto-protocol geratificeerd. Dat houdt de belofte in, tegen 2012 de emissie van broeikasgassen met 6% te verminderen ten opzichte van het jaar 1990. Wat stellen we vast? Dat in 2002 de uitstoot van broeikasgassen in Canada is toegenomen met 24% t.o.v. 1990…

 Dat is de keerzijde van de oliezandmedaille. Als Canada echt tegen 2010 olieleverancier nummer 1 van de wereld wil zijn, zullen maatregelen moeten worden genomen om het milieu te beschermen. Dat klinkt mooi, maar we vragen ons werkelijk af hoe je de geciteerde verwoestingen kunt vermijden.  

 Link : http://oilsandstruth.org/topics/water?page=1
               http://www.catapa.be