|
|
|
Inheemse
Volken in Australië
Aboriginals
Vanaf de 16de eeuw trokken
Europeanen op ‘ontdekking’ om in hun groeiende behoeften te voorzien.
Deze voortdurende expansiedrang van ons economisch systeem duurt tot vandaag
onverminderd voort. Vanuit het Westers etnocentrisch denken worden inheemse
volken en hun cultuur vaak als minderwaardig, onwetend en primitief beschouwd.
Territoria van inheemse volken worden in dit proces onherroepelijk vernietigd,
in naam van de economische belangen en de vooruitgang.
Geschiedenis
De verre voorouders van de hedendaagse Aboriginals
(ab-origine : vanaf de oorsprong) emigreerden vanuit het Aziatische continent
naar Australië. Het tijdstip waarop dit gebeurde komt steeds verder terug in de
tijd te liggen. Nu is men ervan overtuigd dat al zo’n 50.000 tot 7
0.000 jaar geleden mensen hun eerste voetafdrukken aan de noordkust van
Australië hebben achtergelaten.
18 januari 1788 markeert het begin
van drastische veranderingen : op deze dag arriveerde een vloot Engelse schepen
in Botany Bay
(zuidoost Australië). Zij brachten een grote invasie in het land van de
Aboriginals teweeg. Het jaar 1788 luidde het begin van het einde in
voor de inheemse leefwijze van de 3.000 Aboriginals die rondom Port Jackson en
Botany Bay woonden.
Aanvankelijk slaagden de Aborginals erin om weerstand te bieden met guerilla
tactieken. Ze kenden het terrein veel beter als de veroveraars, maar het
wapentuig en de logistieke overmacht van die laatste bleken al gauw de doorslag
te geven. De gevolgen voor het inheemse volk waren rampzalig. Binnen de vijftig
jaar was het aantal Aborginals van 3.000 teruggebracht tot minder dan 300.
Hun jachtgronden werden gebruikt voor schapenteelt, hun waterbronnen, de bron
van alle leven, laafden het dorstige vee. De yamvelden, waarvoor Aborginal
vrouwen al sinds mensenheugenis zorgden, werden omgeploegd en gebruikt voor
land- en tuinbouw. Dit patroon herhaalde zich vele malen op plaatsen waar de
Europeanen zich vestigden.
Waar de invloed van de Europeanen zich eerst nog tot Sydney
en omgeving had beperkt, verspreidden de nieuwkomers zich daarna snel
over grote delen van het continent. Enige cijfers ter illustratie : tussen 1832
en 1850 trokken 200.000 vrije emigranten naar het nieuwe werelddeel. De grens
van de westerse ‘beschaving’ schoof steeds verder op. Rond 1850 bezetten 4.000
Europeanen met ruim 20 miljoen schapen een gebied dat zich uitstrekte van
Queensland tot Zuid Australië. De Aboriginal samenlevingen werden volkomen
ontwricht.
De diverse koloniale staten in Australië, die pas in 1901 een federatie zouden
gaan vormen, zochten de oplossing in het creëren van een speciale wetgeving voor
Aborginals. Deze wetten beperkten de bewegingsvrijheid van de inheemse bevolking
op alle terreinen : ze mochten niet gaan en staan waar ze wilden, zonder
toestemming niet trouwen, geen eigen inkomen beheren en geen alcohol of honden
bezitten.
Velen werden in reservaten samengebracht, waar ze onder strikte controle van het
Europese gezag stonden. Deze praktijken hebben hier
en daar tot in de jaren 1960 voortgeduurd. Toen verdwenen ze gelukkig. Maar het
intern Australisch kolonialisme, het racisme en de
culturele genocide blijven tot op de dag van vandaag springlevend.
Landrechten
De politieke en culturele emancipatiestrijd van de
Aboriginals is en blijft in de eerste plaats een strijd voor landrechten. Dit is
niet
verwonderlijk gezien de centrale plaats van het land in de cultuur. Waar
Aboriginals nog op hun land van oorsprong leven, betekent dit
bezit van land de basis voor een economisch en spirituele levensvatbare cultuur.
Voor de grote groep ontheemde Aboriginals, dat zijn er
zo’n 200.000 in de stedelijke gebieden en rond de veeteelt en andere bedrijven,
hebben landrechten een belangrijke symbolische waarde. Ze houden een erkenning
in van aangedaan onrecht en vormen daardoor de basis van compensatie.
Een eerste belangrijk succes in dat opzicht was de erkenning van de landrechten
in de Northern Territory in 1976. aboriginals in de grote reservaten van
Amhernland kregen terug zeggenschap over hun gebied. Aboriginal ouderen die van
hun land werden verjaagd, konden hun oorspronkelijk land terug eisen als ze in
staat waren hun traditionele band met dat land aannemelijk te maken. Inmiddels
hebben Aboriginals op deze wijze al meer dan veertig procent van de Northern
Territory teruggekregen.
Australië heeft als laatste van de
voormalige Britse kolonies de landrechten van de inheemse volken erkend. Er
werden nooit verdragen opgesteld waarbij de Aboriginals afstand deden van het
land ten gunste van de Australische regering (of de voormalige koloniale
deelstaten). De afwezigheid van deze verdragen werd aangegrepen voor het niet
wettelijk toekennen van landrechten aan Aboriginals, in tegenstelling tot wat
gebeurde bij inheemse volken in Canada, Nieuw Zeeland en de VS.
Drie mijlpalen in de Australische rechtspraak doen iets
aan deze onrechtvaardige situatie.
-De eerste is het Mabo-besluit van
1992. Het Hooggerechtshof verklaart dat de Australische wet een vorm van
landrechten van de Aboriginals erkent. Landrechten blijven bestaan waar de
Aborginals hun band met het land hebben behouden en waar er geen opheffing van
de eigendomsrechten door wetgeving of regering gebeurde.
-Tweede mijlpaal is de wet op
landrechten van 1993, deze vormt een aanvulling op het Mabo-besluit en maakt het
in praktijk uitvoerbaar.
-De derde cruciale gebeurtenis
is de uitspraak van het Hooggerechtshof in ‘The Wik Peoples versus Queensland’
in 1997. De Wik en
Thayorre volken gingen bij het Hooggerechtshof in beroep tegen een uitspraak uit
het ‘Federal Court’. Dat besliste in 1996 dat het pachtrecht van veehouders en
landrechten van Aboriginals opheft volgens de Queensland wetgeving.
Het Hooggerechtshof stelt dat landrechten niet opgeheven worden door het
pachtrecht en dat pachtrecht geen exclusief eigendomsrecht van de gepachte grond
inhoudt.
Link :
ENIAR
http://www.eniar.org/
|
|